28/08/2013
Dit stuk stond eind juli in de krant!
Verliefd op Azië
“Azië sluit ik in mijn hart. Als ik er ben, voelt het vertrouwd, alsof ik thuis kom.” De smeltkroes van culturen en religies, de gastvrije mensen, prachtige natuur en kruidige gerechten maken dat Rike van den Beld (33) uit Voorthuizen verliefd is op dit oosterse continent. “Eens in je leven moet je in Azië geweest zijn.”
Door Froukje Meerman
Al vijftien jaar werkt Rike van den Beld in de reiswereld. “Het begon met werken op campings, waarna ik de opleiding Toerisme volgde.” Maleisië was haar eerste kennismaking met Azië en sindsdien is ze verslingerd geraakt aan dit werelddeel. Acht maanden lang woonde en werkte ze hier als reisbegeleider tijdens haar buitenlandse stage. Met het eiland Penang als thuisbasis, reisde ze wekelijks het land rond. “Daar stapte ik op de lokale bus die me naar het vliegveld in de hoofdstad Kuala Lumpur bracht. Hier vandaan trok ik met een toerbus vol Nederlandse toeristen door het land. Maleisië kent een diversiteit aan religies. Hindoestanen, christenen en boeddhisten leven hier naast elkaar. Ik vond het leuk om de reizigers enthousiast te maken en ervoor te zorgen dat hun reis perfect verliep. Ik genoot van het leven daar, het contact met de locals. Als je er woont en werkt, maak je heel anders kennis met het land. Je hebt meer contact met de inwoners en komt bij de mensen thuis.”
Inmiddels werkt ze als persoonlijk reisadviseur vanuit huis. Nu ze een man en twee kinderen heeft, is het reizen wat meer tot bedaren gekomen, maar nog steeds probeert ze een aantal keer per jaar het buitenland op te zoeken. “Het kriebelt als ik niets in het vooruitzicht heb. Gelukkig hebben de kinderen twee lieve oma’s die op ze passen.” Van den Beld heeft een man getroffen die het reizen ook leuk vindt en met hem heeft ze al meerdere malen haar geliefde Azië opgezocht. “Op onze huwelijksreis gingen we naar Sri Lanka en de reis sloten we af op de Malediven.” De laatste keer dat de reisadviseur Azië bezocht, was in mei tijdens een studiereis naar het Indonesische eiland Java. Reislustig is Van den Beld en ‘kontzitten op het strand’ is zeker niet dagenlang aan de orde. “Ik wil het land verkennen. In Java kregen we aan het einde van de trip een excursie aangeboden. Andere reisgenoten bleven na een hectische reis liever een dag uitrusten bij het zwembad, maar ik ging toch en het was geweldig. We fietsten door de rijstvelden en sloten de dag af bij een markt waar alleen mensen uit die regio kwamen om hun waren te kopen. De hele markt stond op stelten. Daar waren we zelf de attractie en wilden de locals met ons op de foto. Je ziet in Java nog niet veel toeristen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Bali.”
“Azië kent fantastische landen. Aanraders voor als je voor het eerst deze regio bezoekt zijn Thailand, Maleisië en Indonesië,” vindt Van den Beld, “omdat deze landen wat verder ontwikkeld en ‘schoner’ zijn dan bijvoorbeeld India. Het leven in Azië is gewoon anders. Voor Chinezen is het bijvoorbeeld normaal dat als ze iets dwars zit, ze het van zich af spugen. Of dat nu op straat is of in de bus. Ook boeren ze hard na het eten, een teken dat het goed gesmaakt heeft.” Haar tip voor een Aziatische reis is om een privégids in de hand te nemen. “Met een groepsreis ga je langs vaste plaatsen en ben je afhankelijk van de groep. Met een eigen gids ben je flexibeler en hij gaat van de gebaande paden. Een gids kan je ook wijzen op goede restaurants.” Zelf heeft ze nog geen voedselvergiftiging gehad, maar ze geeft aan dat je beter niet bij de kraampjes op iedere hoek van de straat kunt eten. “Ook al is het er nog zo druk. Je hebt genoeg restaurants waar je heerlijk kunt eten.”
De oosterse keuken is een van de redenen waarom Van den Beld zo verknocht is aan Azië. “Voor Thais, Kantonees of Indiaas eten kun je me wakker maken. Liever een Thaise schotel dan een bord aardappelen. Gelukkig beginnen de kinderen in te zien dat bami lekker is. In Maleisië leerde ik gerechten zelf te maken door goed op te letten wat ze daar in de wok gooide. Mijn vrienden vragen vaak naar mijn Maleisische saté, die ze pittig, maar super lekker vinden.”
Tijdens alle reizen door Azië heeft Van den Beld nog nooit te maken gehad met criminaliteit. “Ik voel me er veiliger dan in Amsterdam. In Maleisië lift ik gerust, terwijl ik dat hier niet in mijn hoofd haal. De mensen zijn zo vriendelijk, gastvrij en relaxed. Als vrouw alleen kun je hier prima veilig reizen.” Het is wel van belang dat je je aanpast aan het land waar je naar toe gaat, stelt ze. “Verdiep je in de cultuur en toon respect. Leer een paar woorden, zodat je in de eigen taal kunt groeten en bedanken. Bezoek je een tempel? Zorg dan dat je schouders en knieën bedekt zijn. Of draag zonodig een sjaal over je hoofd. Gebruik als je iets weggeeft of aanpakt altijd je rechterhand; je linkerhand is onrein. Ook geef je een kind geen aai over de bol, dat ziet men als neerbuigend. Als je verdiept in de gewoontes en normen en waarden van een cultuur, stoot je niemand voor het hoofd.”
Een favoriet Aziatisch land kan Van den Beld niet kiezen. “Verschillende landen hebben om verschillende reden een bijzondere plaats in mijn hart. Sri Lanka door mijn huwelijksreis, in Maleisië woonde ik en Thailand, omdat ik werkte voor verschillende hotels.” Liefst strijkt ze nog eens neer met haar gezin in Maleisië. “Om te laten zien waar ik acht maanden heb doorgebracht. Maar pas als de kinderen wat ouder zijn, zodat ze het meer beleven. Dan kunnen ze met eigen ogen zien waarom ik Azië in mijn hart heb gesloten.”